Dit verhaal maakt onderdeel uit van mijn project “100 dates”, waarin ik op een luchtige manier 100 willekeurige ontmoetingen met het andere geslacht beschrijf – een project waarbij ik mijn plezier in schrijven combineer met mijn passie voor liefde. Ondanks dat de verhalen niet per se waargebeurd zijn, zitten er elementen in die op de waarheid berust zijn, dan wel door mijzelf meegemaakt, dan wel aan mij verteld . De bedoeling is om uiteindelijk al deze verhalen te bundelen in boekvorm.

Juli 2018

“Ik geef vanavond een groot verjaardagsdiner voor meer dan 20 personen. Kom je ook? Er wordt een vast menu geserveerd”. Ik ben aan het appen met Akeem. We zijn zojuist gematched op een datingApp en hij heeft verteld dat hij vandaag jarig is. Akeem is een prins en wel de kroonprins van Benin. Ik moest even opzoeken waar dat lag, maar het schijnt een land in Afrika te zijn. Ik hou wel van spontane acties en Akeem vertelt dat het diner plaats zal vinden in Duchess – het sterrenrestaurant in het Amsterdamse hotel W – wie slaat dat nu af?

“De dress code is elegant en sexy” zegt Akeem met een knipoog “het is tenslotte een exclusief restaurant” – alsof ik dat nog niet wist. Ik twijfel; het is 16h, ik zit nog op mijn werk en ik moet eigenlijk vanavond naar mijn paard. Het diner begint om 20h dus dat betekent dat ik geen andere keuze heb dan met de auto naar Amsterdam af te reizen – hotel W bevindt zich midden in de stad dus ik ben daarnaast aangewezen op de benenwagen, er vanuit gaande dat ik bij de Bijenkorf kan parkeren. Het is donderdagavond dus dat is nog geen vanzelfsprekendheid. Daarnaast ken ik verder niemand. Nou ja, verder? Ik ken de jarige job ook niet eens!

Ik deel mijn overwegingen met de prins, tezamen met mijn zorgen over een eventueel (ontbrekend) verjaardagscadeau. Wat geef je een jarige prins die je uitnodigt voor en 5-gangen diner bij een exclusief restaurant?
“Maak je geen zorgen” zegt hij “jij bent mijn cadeau. Kom gewoon. Ik ken ook niet iedereen. Het wordt beslist leuk; je ontmoet nieuwe mensen en je kunt gelijk een beetje netwerken”.

Daar heeft hij wel een punt.
“Ik ben een spontane man. Ik doe dingen op instinct en intuïtie” zegt hij, en dat werkt. Ik ga gewoon, besluit ik.
Nu nog die kleding. “Doe maar iets aan wat al je pluspunten laat uitkomen”. Nee, daar kan ik echt iets mee, denk ik met enige ironie.

Daarnaast is er nog iets. Als iets te goed lijkt om waar te zijn, is dat het vaak ook. Straks sta ik daar, helemaal opgedirkt en blijkt het een grap te zijn.
“Hoe weet ik zeker dat het geen grap is?” vraag ik dan ook.
“Bel maar naar het restaurant en vraag naar Prins Akeem’s tafel” antwoordt hij. “Ik ben echt een prins”.

Het is denk dubio donderdag, want ik twijfel nog steeds. Straks zijn er allemaal andere ‘dates’!
Ook die zorgen neemt hij weg. “Nee, je bent de enige. Het zijn allemaal vrienden of directe vrienden van vrienden”.
Nu weet ik het zeker. ik ga! Maar ik besluit wel even te bellen met het restaurant. Better safe than sorry!

De meneer aan de andere kant van de telefoon reageert verbaasd op mijn verzoek om een reservering te bevestigen.
“Een Prins? Nee, die reservering staat er niet in”. Ik probeer zijn voornaam, maar ook dat geeft geen resultaat.
“Een groep van 20 personen? Mevrouw, er staat geen reservering in het systeem welke voldoet aan uw gegevens. Ik kan u niet verder helpen”.
De twijfel slaat toe, maar de Prins blijft me Appen. Weet je wat, ik maak er gewoon ‘doe maar duidelijk-donderdag’ van, en dus besluit ik de resultaten van mijn rechercheonderzoek met hem te delen.

“Astrid, ik heb een tafel geboekt bij Vincent van de Duchess. Mijn voornaam is Akeem. Het is een tafel voor 30 personen. Als je niet wilt komen of als je denkt dat ik een leugenaar ben, hoef je niet te komen”.
Het schaamrood staat me op de kaken – hij heeft gelijk. Maar hij zei zelf dat ik het kon checken, dus dan moet hij nu ook niet gaan zeuren. Misschien moet ik wat meer vertrouwen hebben in mijn medemens. Ik besluit daar op juist dat moment mee te beginnen.

Het is een uur fietsen van mijn werk naar huis (en in dit geval 70 minuten – tegenwind – hoera) en ik besteed die tijd nuttig: in gedachten blader ik door mijn kledingkast – en dan met name het exclusieve deel – en selecteer ik drie jurken die voor vanavond in aanmerking komen.
Een tijd terug had dit geen uitdaging geweest, drie keer per week in een sterrenrestaurant etende, maar inmiddels is dat al jaren geleden en zijn de jurken die ik toen droeg allang uit de mode. Als ik thuis ben en mijn hele kast overhoop gehaald heb (waarom ligt alles wat je nodig hebt toch altijd achterin?), valt de eerste jurk al af: die zit onder de vlekken. De tweede jurk was in gedachten leuker en de derde jurk, een lange, turquoise – lijkt me veel te exclusief. Dus wat doe je dan aan? Juist; een lederen shortje met een simpel, zwart truitje. Alleen een paar goede hakken maakt het verschil tussen casual en iets minder casual. Erg exquisiete, Coco. Maar ik weet niet wat ik kan verwachten en het is in ieder geval niet te pretentieus vergoelijk ik mijn keuze.

“Ik ben er om 20h45” appt de Prins rond 20h10 – ik ben mezelf op datzelfde ogenblik nog over de keien van de dam aan het worstelen, wat niet meevalt op hoge hakken.
“ZO, wat een mooie benen heb jij, meisje” roept een stoere jongen me tegelijkertijd toe, voorovergebogen op het stuur van zijn fiets hangend, omringd door vrienden die blijkbaar de passanten op de Dam keurt. Het doet me goed, maar ik weet dat ik er alles behalve glamoreus uitzie.

Ik kom er al snel achter dat het restaurant zich op de eerste etage bevindt, en met elke stap die ik op de marmeren trap zet, daalt mijn zelfvertrouwen. Snel duik ik het toilet in, links voor de ingang van het restaurant, waar juist op dat moment een meisje naar buiten komt. Het lijkt net of ze naar de avondkleding ronde van een Missverkiezing gaat. Tegen beter weten in hoop ik nog dat ze niet bij ons gezelschap hoort. Afkeurend bekijk ik mezelf in de loden spiegel. Ik had op z’n minst misschien wat blush op kunnen doen – het geheel ziet er wat kleurloos uit. Top.

Als ik even later de deuren naar het restaurant open, ben ik verstomd. WOW! De ruimte doet me nog het meeste denken aan een zaal in een Koninklijk paleis; het groene marker, de enorme vazen met bloemen die voor mij gevoel tot aan het hoge plafond rijken, welke opgesierd is door de meest prachtige sierlijsten en kristallen kroonluchters. Het kan niet missen; er is maar één lange tafel in het restaurant. Aan de tafel zitten allemaal schitterende dames met prachtige jurken. Gelukkig zijn ze meer bezig met zichzelf dan met de omgeving, dus niemand ziet mij steeds kleiner worden terwijl ik richting de tafel loop. De enige die mij op lijkt te merken is de enige man in het gezelschap. Ik richt me tot hem.
“Ben je hier wel goed?” vraagt hij.
“Prins Akeem’s verjaardag, toch?” vraag ik. De man knikt instemmend, “wat is je naam” vraagt hij ook nog. Alsof ik me nog niet ongemakkelijk genoeg voelde. Ik denk dat hij mijn verbazing opmerkt.
“Ja sorry” zegt hij “het is wel een Prins hè, dus we moeten goed opletten dat we geen mensen aan de tafel hebben die niet uitgenodigd zijn”.
Okay, thanks!

Ik strijk neer op een lege stoel en vrijwel direct komt er een ober aangesneld om één van de vele lege glazen die voor me staat te vullen. Ik kijk om me heen; ik geloof dat ik de enige dame ben zonder fillers in de lippen. Een aantal dames lijkt elkaar te kennen en lacht overdreven. Maar de meeste dames vormen een eendenbek met hun lippen terwijl ze naar hun telefoons kijken. Ik kan me zo indenken dat ze vandaag de hele dag bij de kapper, schoonheidsspecialist , zonenstudio en nagelstylist hebben doorgebracht. Niemand lijkt echt geïnteresseerd in het meisje wat zo van straat getrokken lijkt te zijn, dus ook ik pak mijn telefoon.
“Sorry, ik ben nog verder verlaat” lees ik “wacht maar voor me bij de bar” schrijft de Prins. De bar is beneden. Ach, ik kan altijd even kijken.

Ook in de bar staan 3 dames waarvan ik vermoed dat die bij ons gezelschap horen, dus ik sluit me erbij aan.
“Spannend he” zeggen ze opgewonden, terwijl ze hun jurk van voren iets naar beneden trekken waardoor hun decolleté nog beter uitkomt: “een echte Prins”.
“Kennen jullie hem?” vraag ik, want dat is iets wat me al die tijd dwars zit.
“Welnee” reageert haar vriendin met een wegwerpgebaar – volle appelwangetjes, een grote bos rode krullen, een lange rode jurk (mét diep uitgesneden decolleté) en niet te vergeten een air van heb-je-me-jou-hier, “maar een gratis diner in de Duchess sla je niet af, toch?”.
Okay, hier word ik niet wijzer uit. Inmiddels gaat het gesprek over siliconen en andere implantaten. Uit beleefdheid blijf ik even staan, maar besluit dan toch terug te gaan naar het restaurant. Daar is in ieder geval iemand die de Prins kent. Althans; ik ga er vanuit dat de man waarbij ik me aan moest melden hem toch wel kent.

Als ik hem dat vraag, bevestigd hij – inmiddels met armen wijd gespreid over de leuning van de bank met twee vrouwen dicht tegen hem aan – dat.
“Hij is alleen een beetje verlaat”, verzucht hij. Ik neem een slok van mijn wijn – oeh, exclusief sapje – en kijk op mijn horloge. 21h alweer.

Morgen wordt ik wel geacht fris op werk te verschijnen. Zelfs als ik nu wegga, reken ik snel uit, ben ik pas om 22h30 thuis. Ik kijk nog één keer om me heen.
“Zie ik er niet uit als een zeemeermin” kirt een van mijn disgenoten die inmiddels opgestaan is en met haar lange jurk zwaait. Ik heb me nog nooit zo underdressed gevoeld. Ik wil me excuseren om naar het toilet te gaan, maar niemand lijkt het op te merken. Dus pak ik mijn tas en loop in een keer de trap af, het hotel uit.

“Have fun tonight, baby! Ik ben weggegaan. Dit is niet mijn ‘cup of tea’. Ik hoef niet per sé te nerwerken met hooggeblondeerde trophy girls over opgespoten lippen en borstvergrotingen” app ik de Prins precies om 21h13 – wel zo aardig om me even af te melden. Als ik het teruglees, zie ik dat het wellicht wat kattig klinkt. Maar terugtrekken kan niet meer; de prins heeft het al gelezen en is inmiddels een bericht terug aan het typen.

“Oh wow. Dit zijn vrienden van mijn vrienden. En het is mijn verjaardag”. Hij heeft gelijk; mijn bericht is veroordelend. Ik heb het verpest. Maar ik heb wellicht een blamage voorkomen – voor mezelf. Op de terugweg sta ik vreselijk in de file en denk ik aan de Prins die ik bijna heb ontmoet, maar wellicht nooit zal ontmoeten.

…of gaan onze wegen elkaar toch nog kruizen binnenkort?

wordt vervolgd