*Let op: de foto’s in dit artikel kunnen als schokkend worden ervaren. Dus scroll niet verder als je een zakke maag hebt.

Donderdag 2 juli 2020

“Hoi, met Mary” hoor ik als ik de telefoon opneem. Het is donderdag, 9h in de ochtend. Ik verwacht geen telefoontje van de eigenaresse van de pensionstal waar mijn paard staat. Maar misschien belt ze over iets van mijn werk of over een factuur. Wat ik te horen krijg is wel het laatste wat ik verwacht.


“Ik ging Happy in de wei zetten samen met de schimmel. Happy had al een beetje haast, terwijl het schimmeltje achter bleef. Maar zodra ik ze in het land heb gezet, pakt de schimmel Happy en ik zie het helemaal uit de hand lopen. Dus ik wil Happy er snel uithalen, maar die rent in blinde paniek ZO tegen het hek aan. En tja, nu ligt zijn borst een beetje open en heeft hij een schaafwond aan zijn been. Het is niet erg hoor, en hij loopt gewoon goed. Maar het moet wel even gehecht worden”. Potver, denk ik, we zijn net zo lekker aan het trainen. Maar blijkbaar valt het allemaal wel mee.


“Ik zal de dierenarts bellen. Het is maar een winkelhaak van 3 bij 3”. Ik ga ervan uit dat ze centimeter bedoelt. “Maar maak je maar geen zorgen”. Ze kennen me een beetje. Ik maak me wel snel zorgen. Ik ben superblij dat ik op zo’n fantastische stal sta met zulke betrokken bedrijfsvoerders. Het is een warme dag, dus als er gehecht moet worden, met het snel gebeuren. Ik ben op de fiets dus kan met geen mogelijkheid snel bij mijn paard zijn. Ik heb er alle vertrouwen in dat het goedkomt.

Toevallig was een vriendinnetje op stal.
“Het ziet er mooi uit hoor As, en Happy staat heel rustig :-)”. Het kan ook niet anders, want hij is verdoofd. Op mijn verzoek stuurt ze twee foto’s.

Het valt me inderdaad mee. Opgelucht haal ik adem en werk ik door.

Tussendoor heb ik nog telefonisch contact met de staleigenaresse.
“Het is allemaal goed gegaan, hoor. De dierenarts dacht het in eerste instantie wel met krammetjes af te kunnen, maar in het midden was het gat de groot dus vanaf daar is het gehecht. Hij moet nu twee dagen binnen blijven, maar hij kan daarna wel weer de wei op. Als je dat wilt”. Ik zit er inderdaad niet op te wachten dat dit nog een keer gebeurt. “Je kunt gewoon stappen en over een week kun je wel weer rijden. Het moet indrogen dus je hoeft het verder niet te spoelen. Na 10 dagen mogen de krammetjes eruit, dus dan moeten we weer even een afspraak maken”. Ik bedank haar voor de goede zorgen (TOP).

Als ik na werk thuis kom, hoef ik dus helaas niet mijn rijbroek aan te trekken. Met een beetje weemoed, maar wel met een positieve mindset stap ik in de auto. Na Happy blij begroet te hebben, stort ik compleet in als ik de wond op zijn borst zie.

Hij wil bijna zijn stal niet uit en bij elke pas die hij zet, gutst het vocht uit zijn wond. Dit ziet er allesbehalve goed uit. Ik App snel mijn vriendinnetje en uit mijn zorgen. Ze reageert niet (story of my life, haha). Ik stap een beetje met Happy over het erf. Hij loopt wel steeds een beetje beter (zal ook wel stijfheid geweest zijn), maar de pijn is van zijn hoofd af te lezen. ZO zielig.

Ik wil hem niet teveel pesten dus zet hem niet veel later op stal. En geef hem heel veel wortels en knuffels.

“Het is een nare wond op een vervelende plek” schrijft mijn trainster mij. Voor een anders zo nuchter persoon, stelt mij dit niet gerust.

“Schrijf het van je af. Dat helpt mij altijd erg” zegt mijn beste vriend. Hij voelt mijn pijn en ongerustheid. Ik zie mezelf er nog niet over een week weer opzitten en de aanblik van nietjes in mijn paard stemt me droevig en doet me pijn.

Vrijdag 3 juli 2020

“Ja, de dierenarts had al gezegd dat er nog wondvocht uit ging komen. Sorry, ik las je appje pas later” stuurt mijn vriendinnetje. Gelukkig maar!

Na werk sjees ik er weer naartoe. Het ziet er echt een HEEL stuk beter uit.

Ongelooflijk hoe snel een lichaam dit soort dingen op kan lossen. Ik geloof echt in de zelfhelende kracht van het lichaam. De eerste paar meters zijn nog moeizaam, maar al snel zie je ook daar niets meer van.

Ik overleg met mijn bijrijder/ steun/ toeverlaat Kelly en we maken er wat grappen over. Omdat hij aan elkaar genaaid is als een lapjesdeken, moeten we hem nu maar Lappie noemen.
“Happy is nu even UnHappy” sluiten we af en we gaan ervan uit dat hij snel weer door de bak heen scheurt – maar dan inclusief oorlogswond.

Zondag 5 juli 2020

“Kun je hem geen broek aantrekken” stelt mijn beste vriend voor. Ik uit hem mijn zorgen dat ik toch huiverig ben hem binnenkort de wei op te zetten. Bang dat het andere paard weer “toeslaat”.
“Of anders misschien een short om hem te beschermen”. Ik moet keihard lachen. Het is maar goed dat hij geen paard heeft.

Gisteren heeft mijn Kelly hem verzorgd. Het zag er volgens haar goed uit (voor zover iets dergelijks er goed uit kan zien). Dus ik ben benieuwd wat ik vandaag ga aantreffen.

Dit stemt mij wel gelukkig! Happy is weer happy en ik heb met stappen mijn handen vol. Een goed teken – al zou ik er normaal niet blij mee zijn dat hij over het erf danst.

Maandag 6 juli 2020

Vol goede moed stap ik in de auto. Happy begroet me vrolijk – een goed teken. Als ik de staldeur open doe, zakt de moed me toch wel weer een beetje in de schoenen.

Het is behoorlijk aan het “werken”. Er komt weer meer vocht en viezigheid uit. Dat is trouwens maar goed ook, want het is een behoorlijke “bult”. Hij heeft nu ook een hangborst.

Ik heb een heel stuk buiten gelopen – een goede oefening en niet iets wat ik normaal zou doen (hij is nogal heetgeblakerd buiten). Hij stapte vrolijk door.

Hij keek zijn ogen uit. En juist doordat hij zich zo goed voelde, stapte ik, ondanks de vieze wond, toch met een optimistisch gevoel in de auto. Dit komt goed!

Dinsdag 7 juli 2020

Ik ben blij verrast als ik de staldeur open doe.

Dit ziet er weer beter uit. Het lichaam is dingen aan het fixen (go witte bloedlichaampjes, go). Ik neem Happy mee naar de Bult. Iets wat ik normaal nooit zou doen, maar een half uur rondjes op het erf stappen is niets voor mij. Ik stuur Kelly een foto als bewijs van mijn heldhaftige actie.

“Wow, vond hij het eng?” stuurt ze terug.
“Hij misschien niet, maar ik wel!” antwoord ik.

Bij (heelhuidse) terugkeer op stal, zie ik dat de wond toch weer is gaan “werken”.

Toevallig zie ik de staleigenaresse dus ik schiet haar even aan.
“Het is nog niet helemaal dicht” constateert ze “ik zou hem nog niet de wei op doen”. Altijd fijn als mensen even meekijken. “Probeer het maar een beetje schoon te maken anders. Al is het niet erg dat het vuil eruit komt”.

Hij heeft al minder “hangborst”. Al zie ik mezelf er nog niet over twee dagen weer op rijden.

Woensdag 8 juli 2020

Toch schrik ik weer als ik hem uit zijn stal haal. De wond zelf ziet er niet eens zo verkeerd uit:

Maar hij heeft een BH nodig.

Het hangt nu wel heel erg! Ik besluit maar weer eens een wandeling te maken, dit keer naar het huis van Happy’s bijrijder (en mijn vriendinnetje) Kelly.

Gelukkig is ze thuis en we kletsen even bij over mijn Married at First Sight-avontuur. We besluiten Happy even te meten, want Kelly heeft een meetstok in de achtertuin staan (samen met nog een paar paarden). En Happy is tenslotte toch braaf. Maar dat verandert al snel: als hij opeens verandert in een briesende stier, besluit ik maar ongedane zaken huiswaarts te keren.

Donderdag 9 juli 2020

Over deze dag kan ik kort zijn.

Voor:

En na:

Chips! Ondanks dat de laatste foto onscherp is, zie je duidelijk dat het enorm aan het werken is.

De dierenarts had gezegd dat ik “na een week wel weer kon rijden”. Het is vandaag een week geleden, maar ik zie me er nog niet snel opzitten, eerlijk gezegd.

Vrijdag 10 juli 2020

Als ik vandaag zijn stal open doe, zakt de moed me WEER in de schoenen. Straaltjes rood vocht (bloed?) stromen uit de wond.

Zo geneest het nooit! Ik heb er een hard hoofd in dat het ooit nog dichtgroeit. Het zit natuurlijk ook op een vervelende plek die blijft “bewegen”, en dus niet snel rustig dicht zal groeien.

Ik zit vandaag in tweestrijd, maar besluit hem toch een dagje te laten staan. Hopelijk krijgt het dan wat meer “rust”. Ik slaap er die nacht slecht van.

Zaterdag 11 juli 2020

Suprise!

Er lijkt een wonder voltrokken. Alhoewel, wonder? Dat is misschien overdreven. Maar…

…er komt wonder boven wonder geen vocht meer uit de wond en zijn borst lijkt weer dezelfde cupmaat te hebben!

Zondag 12 juli 2020

Vandaag zouden de krammetjes eruit moeten/ kunnen. In overleg met de stalbaas besluiten we ze toch nog even te laten zitten.
“Maar blijf wel met hem lopen, hoor. De beste manier voor het lichaam om alles eruit te werken”. Het is een beetje ontstoken en dat remt de genezing wel, maar toch heb ik er vertrouwen in dat het van binnen al aan elkaar aan het groeien is.

Maandag 13 juli 2020

Met de wijze woorden van mijn stalbaas in mijn achterhoofd, doe ik hem vandaag aan de longe. Dik anderhalve week stappen… Dat wordt wat als ik er weer op moet! En zeker voor een (net) 5-jarige. Ik knip alleen een longeerlijn aan zijn halster (geen hoofdstel, geen bijzet) en hij lijkt ook blij dat hij een versnelling hoger mag.

Woensdag 15 juli 2020

Ondanks dat ik dacht “hij gaat NOOIT meer de wei op” nadat het was gebeurd, gaat hij vandaag… de wei op! Op de een of andere manier denk ik dat welzijn ook bijdraagt aan het genezingsproces. En Happy HOUDT van de wei. Soms moet je vertrouwen hebben in dingen en zien hoe het gaat.

Het gaat uiteindelijk goed, pak van mijn hart!

Donderdag 16 juli 2020

Vanmorgen heeft de staleigenaresse de krammen eruit gehaald. ’s Avonds besluit ik er voor de eerste keer op te kruipen – hoe langer je wacht, hoe hoger de drempel. Het is inmiddels twee weken geleden dat het gebeurd is. Ik draai mijn cap stevig aan en maak me op voor een vliegles, maar er gebeurt… Niets! Happy is hartstikke sloom en uiteindelijk ben ik moeier dan hem, terwijl we bijna niets gedaan hebben!

Vrijdag 17 juli 2020

Langzaam komt er verbetering in de zaak, met de nadruk op langzaam. De wond wil nog niet erg dicht.

“Honingzalf!” roept iedereen,
“Geen honingzalf!” roept een iemand anders, en naar haar besluit ik te luisteren. Honingzalf trekt vliegen/ insecten aan, en ik heb nu al de groots mogelijke moeite de wond insectenvrij te houden: de vliegen gaan letterlijk IN de wond zitten en zijn er met geen mogelijkheid uit te bewegen. Het is vreselijk heet en ik zie de horror al voor me dat er eitjes/ larven in de wond komen.

Eigenlijk lijkt de week erop alles redelijk normaal. We rijden weer zoals voorheen en langzaam gaat de wond van binnenuit dicht.

Inmiddels is het November en is er NIETS meer te zien van de wond.

“Zie je het litteken nog?” vroeg een stalgenootje, nadat ik hem geschoren had. Litteken? Dacht ik. Ik was het alweer vergeten :-). En juist daarom besloot ik deze blog nog up te daten en af te sluiten met dit goede nieuws!